Info voor huurders omtrent huurwetgeving

Huurprijs : kosten en lasten

1. Algemeen.

In het algemeen moet de huurder enkel de kosten en de lasten betalen die in het huurcontract zijn overeengekomen.
Kosten zijn allerlei uitgaven die de huurder of de verhuurder moet doen om de huurder een volwaardig genot te hebben of om dit genot te verbeteren. Bijvoorbeeld de kosten voor water, verwarming, elektriciteit, enz.
Lasten zijn bijvoorbeeld de milieubelasting, huisvuilbelasting,...De onroerende voorheffing is een last die door de verhuurder worden betaald (bij woninghuur). De verhuurder kan de onroerende voorheffing niet aan de huurder doorrekenen!

Indien de huurder volgens het huurcontract bepaalde kosten en lasten moet betalen, kan de verhuurder die maar opeisen als er aan drie voorwaarden is voldaan:

  • de kosten en de lasten moeten werkelijke uitgaven van de verhuurder zijn. Dit geldt uiteraard niet wanneer er uitdrukkelijk is overeengekomen dat er een forfaitair bedrag moet worden betaald.
  • de aan de huurder aangerekende kosten en lasten moeten in een afzonderlijke rekening worden opgegeven. Die rekening moet gedetailleerd zijn. Voor elke aparte kost moet een bepaald bedrag vermeld worden!
  • de verhuurder moet bewijsstukken van elke aangerekende kost (of last) voorleggen. Een briefje met wat gekrabbel van de verhuurder is onvoldoende! Vraag naar echte bewijzen: het is uw goed recht! 

Opgelet! Voor appartementsgebouwen waarvan verschillende appartementen aan eenzelfde persoon toebehoren is er een afwijkende regeling. Het volstaat dat de verhuurder elke huurder een afrekening van de kosten en de lasten opstuurt. De huurder kan echter steeds vragen om de bewijsstukken in te zien. Dit moet hij dan doen bij de verhuurder thuis.

 

2. Herziening van de forfaitair bepaalde kosten en lasten.

Volgens de Woninghuurwet kan iedere partij op eender welk tijdstip aan de vrederechter vragen om de forfaitair bepaalde kosten en lasten te herzien of om deze om te zetten in werkelijke kosten en lasten.

 

Voorbeeld van een herziening:

Een huurder betaalt jaarlijks forfaitair € 250 aan de verhuurder voor elektriciteitskosten. Wanneer bijvoorbeeld de elektriciteitsprijzen stijgen, kan de verhuurder aan de vrederechter vragen om dit bedrag op € 300 te brengen.

 

Voorbeeld van een omzetting in werkelijke kosten en lasten.

Een huurder betaalt jaarlijks forfaitair € 250 aan de verhuurder voor elektriciteitskosten. De verhuurder installeert in elk appartement een aparte elektriciteitsmeter. De verhuurder kan dan aan de vrederechter vragen dat voortaan elke huurder betaalt naargelang de stand van zijn meter (en niet langer een forfaitair bedrag van € 250).